Het vliegt niet zoals het regent

Een van de redenen waarom extreem rechts bij de verkiezingen van 13 juni zo sterk gescoord heeft, is dat een aanzienlijke groep mensen het gevoel heeft dat de politiek zich niet bezighoudt met de problemen die hen rechtstreeks aanbelangen. Het dossier van de nachtvluchten is er een mooi voorbeeld van, stelt CHRIS TAES. De bevolking wil praten over een minderhinderplan, niet over een spreidingsplan.

Veel politici en kandidaat-politici hebben zich in de audiovisuele kijker gewerkt via stunts die met de dagelijkse zorgen van de mensen niets te maken hadden. En kandidaten die inhoudelijk wél iets te zeggen hadden, kregen vaak geen forum om hun concreet politiek programma voor te stellen.

Hopelijk hebben politici, het publiek en de pers uit de resultaten van 13 juni voldoende geleerd om het nu anders aan te pakken. Neem nu de luchthavenhinder. Voor de bewoners uit de onmiddellijke luchthavenomgeving was het beleid van de voorbije jaren een absolute ramp. Vermoedelijk hebben nogal wat geluidsslachtoffers een stem uitgebracht tégen de politiek. Ze kregen voortdurend te horen dat ze niet te veel moesten klagen en dat de toename van de geluidshinder nu eenmaal onvermijdelijk was, tenminste als men de werkgelegenheidskansen van het koerierbedrijf DHL niet in gevaar wilde brengen.

Die simpele voorstelling van het nachtvluchtenprobleem en de luchthavenhinder is evenwel grondig fout. Men gaat er al te gemakkelijk van uit dat economische groei – en de werkgelegenheid die daardoor in het vooruitzicht wordt gesteld – verantwoordt dat er geen limiet staat op de hinder die ermee gepaard gaat. Maar het vliegt niet zoals het regent: het aantal vluchten en het tijdstip waarop de vluchten plaatsvinden is geen natuurfenomeen dat de omwonenden zomaar moeten ondergaan, zoals een regenbui die hen overkomt. Een regenbui kun je niet vermijden. Overmatige en schadelijke hinder van een luchthaven wel.

Duurzaam

De fundamentele politieke en maatschappelijke keuze die moet worden gemaakt is of men het absoluut noodzakelijk vindt dat op de luchthaven op elk uur van de dag en de nacht pakjes moeten kunnen vertrekken en toekomen, zonder respect voor de elementaire levenskwaliteit van de omwonenden. Het moet mogelijk zijn de activiteiten van een pakjesbedrijf zodanig te organiseren dat de nachtrust van de omwonenden beter wordt gerespecteerd. De overheid moet de chantage van de zwart-witopstelling (volledige carte blanche of geen koerierbedrijf meer) niet nemen.

Het is verstandig de luchthavenproblematiek te benaderen vanuit het concept van duurzame ontwikkeling. Niemand negeert het economische belang of het werkgelegenheidsbelang van de nationale luchthaven of pleit voor een totaal hinderloze luchthaven. Maar het is een feit dat in de recente politieke geschiedenis de economische potentie (waar is Sabena nu?) het steeds heeft gehaald op de elementaire levenskwaliteit van de omwonenden. Zonder respect voor de mensen die in hun dagelijkse leven onredelijk veel hinder ondervinden van de luchthaven, is een duurzame ontwikkeling van de luchthaven onmogelijk.

De huidige federale en Vlaamse regering gaan ervan uit dat een spreiding van de hinder alle heil moet brengen. Dat recept heeft echter te korte beentjes. Er moet inderdaad worden gestreefd naar een billijke spreiding van de hinder – want dat is nu zeker niet het geval – maar dat volstaat niet. Wie een oplossing zoekt voor Ă©Ă©n groep inwoners rond de luchthaven ten koste van een andere, lost het probleem niet op, maar verplaatst het. Er is een andere aanpak nodig. De globale hinder moet verminderen.

In de plaats van een zoveelste spreidingsplan moet er een minderhinderplan komen.

1. Er moeten grenzen worden gesteld aan de ruimtelijke ontwikkeling van de luchthaven. De provincie Vlaams-Brabant heeft daartoe op 11 mei het goede voorbeeld gegeven, door in het nieuwe provinciale structuurplan te bepalen dat de luchthavenactiviteiten beperkt blijven tot de zone die daarvoor voorzien is op het huidige gewestplan.

2. Het aantal nachtvluchten moet worden beperkt. De CD&V-fractie in het Vlaams Parlement nam daarover recentelijk een standpunt in waarbij het plafond vastgesteld blijft op een maximum van 25.000 per jaar. Ik zou daarin nog een stap verder willen gaan. Het moet mogelijk zijn op relatief korte termijn te komen tot een economisch verantwoorde reorganisatie van de nachtvluchten, waarbij de geluidshinder geconcentreerd wordt aan het begin en het einde van de nacht, zodat er een ruime periode van relatieve rust wordt gerespecteerd.

3. Er zijn uniforme, voor alle gewesten gelijke geluidsnormen noodzakelijk, die streng moeten worden gehandhaafd. Vandaag worden ondoelmatig sancties gegeven voor geluidsovertredingen.

4. Er moet onmiddellijk en zonder verder uitstel werk worden gemaakt van de reeds lang aangekondigde maatregelen ter bestrijding van het grondlawaai. De in de milieugunning opgelegde proefdraaihal is er nog altijd niet en dat veroorzaakt veel hinder voor de omliggende gemeenten.

5. Het mobiliteitsprobleem in de omgeving van de luchthaven kan alleen worden opgelost door een drastische verbetering van het openbaar vervoer, met een rechtstreekse verbinding van het treinverkeer naar de luchthavensite en met een comfortabele aansluiting op het TGV-net. Beloftes volstaan hier niet.

6. Er is nood aan een globaal toekomstcontract voor de luchthaven, waardoor we van de dagjespolitiek verlost geraken. Alle overheden, de economische actoren Ă©n de omwonenden moeten samenzitten om een evenwichtig perspectief op de ontwikkeling van de luchthaven uit te tekenen inzake tewerkstelling, type van economische activiteiten, ruimtelijke ordening, mobiliteit, lawaaihinder, lucht- en oppervlakteverontreiniging. Zolang dat niet gebeurt, blijven de omwonenden tegen elkaar uitgespeeld en worden ze bij elk nieuw initiatief in de gordijnen gejaagd.

Een minderhinderplan is noodzakelijk om de economische ontwikkeling van de luchthaven te doen samengaan met een fundamenteel respect voor álle omwonenden.

De auteur is CD&V-provincieraadslid voor Vlaams-Brabanten woont in Kortenberg

Patrick Luysterman

© 2004 Uitgeversbedrijf Tijd NV